Hallo Brittb, sorry dat je op goedkeuring moest wachten, op raadselachtige wijze blijkt dat ik opeens berichten moet goedkeuren.
Ik ben zelf niet met een religie opgevoed, maar ik moest wel denken aan iets wat ik meemaakte in mijn jeugd. Ik ging met een vriendje naar de zondagschool toen ik vijf was, en daar vroeg een aardig soort kleuterjuf of iemand een liedje wist om te zingen. Ik kende alle liedjes, want ik als ik me goed herinner leerde ik al liedjes zingen tegelijk met praten, en ik wilde wel Arend Stokje zingen (dit is vijftig jaar geleden...) Maar de aardige juf begon te lachen op een manier waarvan ik niet wist of het nou lief of demonisch was, en ze zei: nee, zulke liedjes zingen wij hier niet. En toen heb ik een uur lang meegezongen met christelijke liedjes en naar christelijke verhaaltjes geluisterd, voor een dubbeltje. Maar ik vond het niet leuk, ik voelde me niet op m'n gemak. Ik vond de liedjes niet leuk, en ik vroeg me af wat er werd bedoeld met 'zulke liedjes'. Ik weet nog altijd niet waarom, maar alles stond me tegen.
Ongeveer ook in die tijd ging ik eens met m'n vader naar de kerk met kerstmis, want de organist was ziek en mijn vader moest invallen. En ook hier weer: ik vond het zingen vreselijk, ik vond de mensen die daar zaten vreselijk, en ik vond het toneel dat er voor m'n neus gebeurde volkomen onzinnig en saai. Later begreep ik dat dit allemaal geestelijken waren die de 'liturgie' opvoerden. Ik voelde me in een onechte wereld, waarin iedereen een rol speelde en blijkbaar precies wist wat er van ze werd verwacht, iets wat ik niet gewend was. Het was een mengeling van 'eerbied en angst' voor iets hoogs, en dat kende ik niet. Ik vond mijn vader op het orgel fascinerend, maar de rest was zo deprimerend dat ik het me dit gevoel tot op dit moment herinner.
Door die dingen denk ik dat je wel heel jong moet zijn om mee te gaan in die 'controle over de geest', want zelfs toen ik vijf was, was ik al zo gewend om vrijte denken en nieuwsgierige vragen te kunnen stellen dat ik dit kritiekloze hersenspoelen niet meer kunnen vragen. Mijn moeder vertelde net zoiets. Ze was ook op de zondagsschool, en ze vroeg iets, helaas ben ik vergeten wat, maar in elk geval was het iets simpels wat niet goed klopte, wat een kind opmerkt. Toen noemde de juf haar een 'wijsneusje': je werd niet geacht om vragen te stellen en zelf te denken, want dan was je een 'wijsneusje'.
Religies proberen de doodnormale menselijke ontwikkeling te smoren en om te buigen naar onderwerping. Daarom is 'islam' ook zo'n mooie naam voor een religie. Maar volgens mij zijn jonge kinderen nog veel te flexibel voor zo'n format. Pas op latere leeftijd gebeurt er iets met mensen waardoor het geloof een deel van hun identiteit wordt. Ze hebben dan zichzelf gehersenspoeld door kromme antwoorden te vinden op alle vragen die ze als kind hebben gesteld, net zolang tot ze elke redelijke vraag weg konden redeneren.