Achtergrond: enige filosofie over, en een soort definitie van, wetenschap en de wetenschappelijke methode.
Wetenschap verdraagt zich, zo is met name door Carl Popper geformuleerd, slecht met dogmas.
Om je een échte wetenschapper te mogen noemen:
* doe je waarnemingen,
* formuleer je een theorie,
* leid je daaruit veronderstellingen af,
* die je vervolgens (experimenteel) toetst en
* al naar gelang de uitkomst van je experimenten, heb je je aanvankelijke veronderstelling
o bevestigd, en daarmee je theorie een stukje versterkt, of
o moet je je hypothese verwerpen en dus je theorie bijstellen of een geheel nieuwe theorie opstellen.
(waaruit je weer aangepaste/aangescherpte veronderstellingen af kunt leiden, die je vervolgens in de tweede ronde van deze 'empirische cyclus' via toetsbare hypotheses probeert experimenteel te weerleggen (falcificeren), waarna je aan de hand van de uitkomsten je theorie aanscherpt of vervangt, ...enzovoort.)
Bovenstaande werkwijze vormt eigenlijk de definitie van wetenschap. Dat betekent echter niet dat men voetstoots mag aannemen dat eenieder die zich tooien mag met een academische titel of onderzoeker van professie is, zich aan deze wetenschappelijke verplichting conformeert.
Soms moeten heel belangrijke theorieën, die lang door het toetsen van hypotheses waren versterkt, op een gegeven moment tóch het veld ruimen omdat nieuwe experimentele gegevens de theorie 'onhoudbaar' maken: 'paradigma shifts' worden zulke breekpunten in de wetenschap wel genoemd.
Dat de aarde rond is (of eigenlijk enigszins peervormig) en niet plat, dat deze om de zon draait, en niet omgekeerd, en dat het leven op aarde zich heel wel door evolutie liet verklaren, bijvoorbeeld. Binnen elk vitaal wetenschapsgebied doen zich, op verschillende tijdschalen, regelmatig van die 'aardverschuivingen' voor.
Begin jaren '80 behoorden virussen volgens mijn leerboek nog niet tot de levende natuur en was van het RNA vrijwel alleen de rol als boodschapper-RNA en als onderdelen van het ribosoom goed bekend. De functie van RNA als katalysator van specifieke reacties, ribozym, was nog maar amper ontdekt. Inmiddels kennen 'we' een hele familie aan RNA's met functies die qua belang maar amper onderdoen voor 'grote broer' DNA. Het is momenteel amper meer voor te stellen hoe wetenschappers enkele decennia terug verwachten aan kennis van het DNA voldoende te hebben om het functioneren van complexe organismen te kunnen gaan begrijpen.
Op klimatologisch gebied is de 'broeikashypothese'/'broeikastheorie' aardig op weg een gevestigd wetenschappelijke theorie te worden... een in brede kringen erkend politiek, maatschappelijk, noord-zuid-, economisch en milieuprobleem ís het al. Het debat over 'global warming' zou er erg bij gebaat zijn, met relatief snelle toename van wetenschappelijke inzichten als gevolg, indien voor- en tegenstanders ('believers and non-believers' zo u wilt) over en weer de eisen van wetenschappelijkheid niet uit het oog zouden verliezen.
Al die nieuwe inzichten zijn niet zonder slag of stoot verkregen. Eigenwijze wetenschappers met een dikke huid hebben jarenlang tegen de stroom in moeten roeien (de 'case' van Barbara McClintock die met haar ontdekking van transposons 'springende genen' het starre beeld van DNA aan diggelen sloeg is bijvoorbeeld goed beschreven) en keer op keer met onweerlegbaar experimenteel bewijs moesten komen, om zulke doorbraken te bewerkstelligen.
In wetenschappelijke zin, dat elke veronderstelling (these) een tegen-veronderstelling (anti-these) dient op te roepen dient wetenschappelijk onderzoek dat, volgens de bovengeschetste wetenschappelijke methode, indruist tegen de heersende opvattingen eerder regel te zijn dan uitzondering.
Wordt de tegendraadse hypothese bevestigd, dan vormt dat aanleiding de theorie te verbeteren, waardoor een nog weer groter deel van de werkelijkheid erdoor bestreken wordt. Dat is winst. Levert het toetsen van de alternatieve hypothese geen positief resultaat op, dan vormt dat een bevestiging en versterking van de heersende theorie. De roep om óók negatieve resultaten te publiceren in de wetenschappelijke literatuur laat zich hieruit verklaren en rechtvaardigen.
Er wordt ook wel eens MISbruik gemaakt van bovenstaande redenering. Lieden die uitgesproken NIET volgens de wetenschappelijke methode werken (maar, bijvoorbeeld, enkel ruimte bieden aan resultaten die hun eigen maatschappelijke, levensbeschouwelijke, culturele, politieke, of andere privé- opvattingen ondersteunen) claimen op deze onjuiste grond nogal eens het gezag écht wetenschappelijk onderzoek te hebben weerlegd. Maar ook bij wetenschap geldt: 'wie niet aan het spel deelneemt kan niet scoren'.
Echt wetenschappelijk onderzoek echter, ook als het tegendraads, júist als het tegendraads, innovatief onderzoek betreft, heeft de potentie de wetenschap en de samenleving, mini-stapje voor mini-stapje, naar een hoger plan te tillen.
http://www.nwo.nl/nwohome.nsf/pages/NWOA_72NBRH (bron)
Lees dit eens op je gemak Haddock en daarna dit http://nl.wikipedia.org/wiki/Wetenschappelijke_methode en alle links op die bladzijde die het verhaal verduidelijken en dan praten we verder .
Wetenschap verdraagt zich, zo is met name door Carl Popper geformuleerd, slecht met dogmas.
Om je een échte wetenschapper te mogen noemen:
* doe je waarnemingen,
* formuleer je een theorie,
* leid je daaruit veronderstellingen af,
* die je vervolgens (experimenteel) toetst en
* al naar gelang de uitkomst van je experimenten, heb je je aanvankelijke veronderstelling
o bevestigd, en daarmee je theorie een stukje versterkt, of
o moet je je hypothese verwerpen en dus je theorie bijstellen of een geheel nieuwe theorie opstellen.
(waaruit je weer aangepaste/aangescherpte veronderstellingen af kunt leiden, die je vervolgens in de tweede ronde van deze 'empirische cyclus' via toetsbare hypotheses probeert experimenteel te weerleggen (falcificeren), waarna je aan de hand van de uitkomsten je theorie aanscherpt of vervangt, ...enzovoort.)
Bovenstaande werkwijze vormt eigenlijk de definitie van wetenschap. Dat betekent echter niet dat men voetstoots mag aannemen dat eenieder die zich tooien mag met een academische titel of onderzoeker van professie is, zich aan deze wetenschappelijke verplichting conformeert.
Soms moeten heel belangrijke theorieën, die lang door het toetsen van hypotheses waren versterkt, op een gegeven moment tóch het veld ruimen omdat nieuwe experimentele gegevens de theorie 'onhoudbaar' maken: 'paradigma shifts' worden zulke breekpunten in de wetenschap wel genoemd.
Dat de aarde rond is (of eigenlijk enigszins peervormig) en niet plat, dat deze om de zon draait, en niet omgekeerd, en dat het leven op aarde zich heel wel door evolutie liet verklaren, bijvoorbeeld. Binnen elk vitaal wetenschapsgebied doen zich, op verschillende tijdschalen, regelmatig van die 'aardverschuivingen' voor.
Begin jaren '80 behoorden virussen volgens mijn leerboek nog niet tot de levende natuur en was van het RNA vrijwel alleen de rol als boodschapper-RNA en als onderdelen van het ribosoom goed bekend. De functie van RNA als katalysator van specifieke reacties, ribozym, was nog maar amper ontdekt. Inmiddels kennen 'we' een hele familie aan RNA's met functies die qua belang maar amper onderdoen voor 'grote broer' DNA. Het is momenteel amper meer voor te stellen hoe wetenschappers enkele decennia terug verwachten aan kennis van het DNA voldoende te hebben om het functioneren van complexe organismen te kunnen gaan begrijpen.
Op klimatologisch gebied is de 'broeikashypothese'/'broeikastheorie' aardig op weg een gevestigd wetenschappelijke theorie te worden... een in brede kringen erkend politiek, maatschappelijk, noord-zuid-, economisch en milieuprobleem ís het al. Het debat over 'global warming' zou er erg bij gebaat zijn, met relatief snelle toename van wetenschappelijke inzichten als gevolg, indien voor- en tegenstanders ('believers and non-believers' zo u wilt) over en weer de eisen van wetenschappelijkheid niet uit het oog zouden verliezen.
Al die nieuwe inzichten zijn niet zonder slag of stoot verkregen. Eigenwijze wetenschappers met een dikke huid hebben jarenlang tegen de stroom in moeten roeien (de 'case' van Barbara McClintock die met haar ontdekking van transposons 'springende genen' het starre beeld van DNA aan diggelen sloeg is bijvoorbeeld goed beschreven) en keer op keer met onweerlegbaar experimenteel bewijs moesten komen, om zulke doorbraken te bewerkstelligen.
In wetenschappelijke zin, dat elke veronderstelling (these) een tegen-veronderstelling (anti-these) dient op te roepen dient wetenschappelijk onderzoek dat, volgens de bovengeschetste wetenschappelijke methode, indruist tegen de heersende opvattingen eerder regel te zijn dan uitzondering.
Wordt de tegendraadse hypothese bevestigd, dan vormt dat aanleiding de theorie te verbeteren, waardoor een nog weer groter deel van de werkelijkheid erdoor bestreken wordt. Dat is winst. Levert het toetsen van de alternatieve hypothese geen positief resultaat op, dan vormt dat een bevestiging en versterking van de heersende theorie. De roep om óók negatieve resultaten te publiceren in de wetenschappelijke literatuur laat zich hieruit verklaren en rechtvaardigen.
Er wordt ook wel eens MISbruik gemaakt van bovenstaande redenering. Lieden die uitgesproken NIET volgens de wetenschappelijke methode werken (maar, bijvoorbeeld, enkel ruimte bieden aan resultaten die hun eigen maatschappelijke, levensbeschouwelijke, culturele, politieke, of andere privé- opvattingen ondersteunen) claimen op deze onjuiste grond nogal eens het gezag écht wetenschappelijk onderzoek te hebben weerlegd. Maar ook bij wetenschap geldt: 'wie niet aan het spel deelneemt kan niet scoren'.
Echt wetenschappelijk onderzoek echter, ook als het tegendraads, júist als het tegendraads, innovatief onderzoek betreft, heeft de potentie de wetenschap en de samenleving, mini-stapje voor mini-stapje, naar een hoger plan te tillen.
http://www.nwo.nl/nwohome.nsf/pages/NWOA_72NBRH (bron)
Lees dit eens op je gemak Haddock en daarna dit http://nl.wikipedia.org/wiki/Wetenschappelijke_methode en alle links op die bladzijde die het verhaal verduidelijken en dan praten we verder .