Vroege spiervinnige spookvis had al botten en kaken
http://www.nrc.nl/wetenschap/article219 ... _en_kaken_
In de NRC staat een stuk over een fossiel dat laat zien dat spiervinnige vissen van 419 miljoen jaar oud al botten en kaken hadden. In het devoon, 380 miljoen jaar geleden, ontstonden uit deze spiervinnige vinnen de poten van de vroegste landdieren. In het siluur, 444 tot 416 miljoen jaar geleden, blijken al veel vissen met botten en kaken te hebben geleefd. Dit betekent dat het beeld van siluur moet worden aangepast. Naast koralen, weekdieren, geleedpotigen en stekelhuidigen kunnen nu ook veel vissoorten aan de voorstellingen worden toegevoegd.
De coelacanth is een nog altijd bestaande verwant van deze spiervinnige vis. Deze vissen hebben ook als kenmerk een schedel die bestaat uit twee delen die ten opzichte van elkaar kunnen bewegen.
Citaatje:
De laatste tijd worden steeds meer fossielen aan het bestand toegevoegd die laten zien hoe het leven zich heeft ontwikkeld. Omdat zo diverse ontwikkelingen heel aanschouwelijk kunnen worden gemaakt is het wel erg spannend geworden, vind ik.

In de NRC staat een stuk over een fossiel dat laat zien dat spiervinnige vissen van 419 miljoen jaar oud al botten en kaken hadden. In het devoon, 380 miljoen jaar geleden, ontstonden uit deze spiervinnige vinnen de poten van de vroegste landdieren. In het siluur, 444 tot 416 miljoen jaar geleden, blijken al veel vissen met botten en kaken te hebben geleefd. Dit betekent dat het beeld van siluur moet worden aangepast. Naast koralen, weekdieren, geleedpotigen en stekelhuidigen kunnen nu ook veel vissoorten aan de voorstellingen worden toegevoegd.
De coelacanth is een nog altijd bestaande verwant van deze spiervinnige vis. Deze vissen hebben ook als kenmerk een schedel die bestaat uit twee delen die ten opzichte van elkaar kunnen bewegen.
Citaatje:
De primitiefste levende vissen zijn de prikken: zij hebben geen kaken. Uit de vissen met kaken ontstonden de beenvissen (vissen met botten) en kraakbeenvissen (haaien en roggen). De beenvissen hebben zich opgesplitst in de spiervinnige vissen en de straalvinnige vissen. Al die vertakkingen moeten vooraf zijn gegaan aan Guiyu als uitgesproken spiervinnige, 419 miljoen jaar geleden of eerder. Dat maakt aannemelijk dat ook de andere takken van de vissenboom toen al aardig ontwikkeld waren. Naast de spier- en straalvinnigen leefden in het Siluur nog andere vissen met kaken: pantservissen (Placodermi) en stekelhaaien (Acanthodii, geen echte haaien). Van deze vissen zijn veel fossielen bekend, maar hun nauwe verwantschap aan moderne vissen is omstreden.
De laatste tijd worden steeds meer fossielen aan het bestand toegevoegd die laten zien hoe het leven zich heeft ontwikkeld. Omdat zo diverse ontwikkelingen heel aanschouwelijk kunnen worden gemaakt is het wel erg spannend geworden, vind ik.

