Bijgeloof
De term zegt het al,het is een geloof bij een geloof.
Door de kerk al eeuwen verboden en door nuchtere niet gelovigen gezien als nostalgische onzin.
Ik vaar al sinds mijn 18e over heel de wereld en als er ergens sprake is van bijgeloof dan was en is het wel onder zeelieden,al wordt het wel steeds minder alhoewel er nationaliteiten zijn die nog steeds vast houden aan bepaalde rituelen.
Het op de kiel lassen van een goudstuk word nu ook nog vaak gedaan om een behouden vaart te krijgen.
Een anker brengt geluk en werd vaak als tattoo gekozen,alleen nooit op zijn kop,want dan loopt het geluk er uit.
Midden op zee een albatros doden was vragen om ongeluk,want de albatros werd gezien als de vertegenwoordiger van een verdronken zeeman.
Fluiten aan boord was vragen om een storm,dat deed je dus niet.
Haar knippen was ook not done,er werden heksen mee opgeroepen.
Een bezem was een voorwerp wat bij de vrachtvaart geluk kon brengen door hem in de mast te binden of met de steel in de richting waar de wind vandaan moet komen neer te leggen,op een vissersboot kon hij ongeluk brengen,want het dek vegen was het symbolisch wegvegen van de vangst.
Een schip is ook altijd vrouwelijk oa om het thuis bij moeders de vrouw gevoel te krijgen,in vroeger eeuwen was een andere reden dat je als zeebonk niet op iets mannelijks de zee op ging.
Vrouwen aan boord brachten echter ongeluk,met uitzondering van zwangere vrouwen.
Een pastoor of non tegenkomen op weg naar het schip bracht ongeluk,hun zwarte kleding en veelvuldig contact met stervenden en overledenen betekende niet veel goeds,aan boord waren ze al helemaal niet welkom.
Een kat aan boord bracht ongeluk
Ratten aan boord,je zou verwachten dat die ook niet gewenst waren,maar ze werden vaak gezien als huisdier en als aanvulling op het nogal sobere menu,echter,als de ratten het schip snel ontvluchtten was er een probleem,het schip zonk.
Een mes is iets wat elke zeeman heeft,(ik heb het mes wat ik kocht toen ik naar zee ging nog steeds altijd bij me),dit was niet zozeer bijgeloof,het is gewoon een handig stuk gereedschap aan boord,vroeger werd het mes wel vaak in een bepaald deel van de mast gestoken of geworpen om gunstige wind op te roepen.
Op een schip werd ook nooit gesproken over de duivel,de nederlanders hadden het over joost en de engelsen noemden hem davy jones,(jawel,die uit de films pirates of the caribean).
Ook had men iets met zeegoden en allerlei andere wezens.
Neptunus en Boreas brachten geluk,Neptunus kwam bij de evenaar aan boord om de nieuwe matrozen om te dopen tot zeeman,Boreas kwam aan boord bij de poolcirkel met een vergelijkbaar doel.
Zeemonsters zagen de vroegere zeelieden ook vaak,bij thuiskomst werden uiterlijk en afmetingen vaak een tikje overdreven,bekend waren vooral de zgn kraken,de reuzeninktvis is naar alle waarschijnlijkheid het monster wat bedoeld werd.
Al dat bijgeloof ontstond eigenlijk uit het enorme respect wat zeelieden hadden en hebben voor de zee.
De schepen uit de gouden eeuw en de eeuwen daarvoor waren vergeleken bij de huidige schepen niet meer als klompjes met een zeiltje,daarbij genomen alle ellende die ze tegen konden komen van stormen tot piraten en scheurbuik waren een goede voedingsbodem voor bijgeloof.
De kerk probeerde dit bijgeloof te bestrijden,maar dat lukte niet.
Veel zeelieden bleven ook achter in de landen waar ze kwamen,vaak vanwege een vrouw,maar ook vaak omdat het leven er aangenamer was en veel vrijer,wellicht een vorm van atheisme?
Columbus is bv een man die het flink aan de stok kreeg met de katholieke kerk en toch voor zover mogelijk zijn zin doordreef,men denkt dat vanaf de periode dat hij leefde de macht van de kerk langzaam afnam.
Tegenwoordig is er zeker in het westen vrij weinig over van het bijgeloof aan boord van schepen,al dien je wel rekening te houden met de samenstelling van de bemanning en hun afkomst,sommige hanteren nog zeer oude regels.
Door de kerk al eeuwen verboden en door nuchtere niet gelovigen gezien als nostalgische onzin.
Ik vaar al sinds mijn 18e over heel de wereld en als er ergens sprake is van bijgeloof dan was en is het wel onder zeelieden,al wordt het wel steeds minder alhoewel er nationaliteiten zijn die nog steeds vast houden aan bepaalde rituelen.
Het op de kiel lassen van een goudstuk word nu ook nog vaak gedaan om een behouden vaart te krijgen.
Een anker brengt geluk en werd vaak als tattoo gekozen,alleen nooit op zijn kop,want dan loopt het geluk er uit.
Midden op zee een albatros doden was vragen om ongeluk,want de albatros werd gezien als de vertegenwoordiger van een verdronken zeeman.
Fluiten aan boord was vragen om een storm,dat deed je dus niet.
Haar knippen was ook not done,er werden heksen mee opgeroepen.
Een bezem was een voorwerp wat bij de vrachtvaart geluk kon brengen door hem in de mast te binden of met de steel in de richting waar de wind vandaan moet komen neer te leggen,op een vissersboot kon hij ongeluk brengen,want het dek vegen was het symbolisch wegvegen van de vangst.
Een schip is ook altijd vrouwelijk oa om het thuis bij moeders de vrouw gevoel te krijgen,in vroeger eeuwen was een andere reden dat je als zeebonk niet op iets mannelijks de zee op ging.
Vrouwen aan boord brachten echter ongeluk,met uitzondering van zwangere vrouwen.
Een pastoor of non tegenkomen op weg naar het schip bracht ongeluk,hun zwarte kleding en veelvuldig contact met stervenden en overledenen betekende niet veel goeds,aan boord waren ze al helemaal niet welkom.
Een kat aan boord bracht ongeluk
Ratten aan boord,je zou verwachten dat die ook niet gewenst waren,maar ze werden vaak gezien als huisdier en als aanvulling op het nogal sobere menu,echter,als de ratten het schip snel ontvluchtten was er een probleem,het schip zonk.
Een mes is iets wat elke zeeman heeft,(ik heb het mes wat ik kocht toen ik naar zee ging nog steeds altijd bij me),dit was niet zozeer bijgeloof,het is gewoon een handig stuk gereedschap aan boord,vroeger werd het mes wel vaak in een bepaald deel van de mast gestoken of geworpen om gunstige wind op te roepen.
Op een schip werd ook nooit gesproken over de duivel,de nederlanders hadden het over joost en de engelsen noemden hem davy jones,(jawel,die uit de films pirates of the caribean).
Ook had men iets met zeegoden en allerlei andere wezens.
Neptunus en Boreas brachten geluk,Neptunus kwam bij de evenaar aan boord om de nieuwe matrozen om te dopen tot zeeman,Boreas kwam aan boord bij de poolcirkel met een vergelijkbaar doel.
Zeemonsters zagen de vroegere zeelieden ook vaak,bij thuiskomst werden uiterlijk en afmetingen vaak een tikje overdreven,bekend waren vooral de zgn kraken,de reuzeninktvis is naar alle waarschijnlijkheid het monster wat bedoeld werd.
Al dat bijgeloof ontstond eigenlijk uit het enorme respect wat zeelieden hadden en hebben voor de zee.
De schepen uit de gouden eeuw en de eeuwen daarvoor waren vergeleken bij de huidige schepen niet meer als klompjes met een zeiltje,daarbij genomen alle ellende die ze tegen konden komen van stormen tot piraten en scheurbuik waren een goede voedingsbodem voor bijgeloof.
De kerk probeerde dit bijgeloof te bestrijden,maar dat lukte niet.
Veel zeelieden bleven ook achter in de landen waar ze kwamen,vaak vanwege een vrouw,maar ook vaak omdat het leven er aangenamer was en veel vrijer,wellicht een vorm van atheisme?
Columbus is bv een man die het flink aan de stok kreeg met de katholieke kerk en toch voor zover mogelijk zijn zin doordreef,men denkt dat vanaf de periode dat hij leefde de macht van de kerk langzaam afnam.
Tegenwoordig is er zeker in het westen vrij weinig over van het bijgeloof aan boord van schepen,al dien je wel rekening te houden met de samenstelling van de bemanning en hun afkomst,sommige hanteren nog zeer oude regels.