Re: Aanwijzingen en/of bewijs voor een god
@lgrijsen
Idem hier: ik heb uiteraard geen algemeen beeld van goden. Wel van Griekse goden, de god van een bepaalde gelovige in die mate waarin hij me er iets over vertelt, Egyptische goden ook wel een beetje... En dat is dan allemaal niet bepaald één pot nat. Daarom is het fijn dat je tenminste een aantal kenmerken van je god opsomt. Is je god algoed, almachtig en/of alwetend ook? Normaal gezien moet er één van de drie wegvallen en dat is onder gelovigen nogal verschillend en niet onbelangrijk.
Ik kan trouwens wel begrijpen dat je vindt dat er een oorzaak moet geweest zijn voor de oerknal, maar niet hoe je ertoe komt om van die oorzaak dan maar meteen een "wezen" te maken. Dat is wel wat kort door de bocht. Op dit ogenblik weten we niet zeker of er een oorzaak voor was of niet: beide mogelijkheden liggen nog open. Atheïst zijnde heb ik niet zo'n probleem met "niet weten". Daar kan ik best mee leven en het zet mij niet aan tot het scheppen van goden.
Verder heb je natuurlijk wel een punt dat iedereen keuzes moet maken over welke informatie feitelijk is en welke niet: welke informatie die mij voorgeschoteld wordt neem ik aan en welke niet. De wetenschap heeft daar een aantal goede richtlijnen voor.
Zo is de materiële wereld bijvoorbeeld zeer consistent. Intern consistent bedoel ik dan. Paradoxen bestaan niet. Mijn 5 zintuigen verschaffen mij op zeer consistente wijze informatie over de wereld rondom mij en stellen mij in staat om een werkbaar beeld op te bouwen in mijn hoofd. Dat beeld is natuurlijk maar een voorstelling maar werkt over het algemeen genomen uitstekend.
De consistentie van de materiële wereld stelt een eis aan alle wetenschappelijke uitspraken en theorieën: ze moeten ook intern consistent zijn. Theorieën die zichzelf tegenspreken gaan eruit. Dat is bij gelovigen wel anders: als hun geloof uitspraken oplevert die in strijd zijn met de materiële wereld houden ze vast aan hun geloof. Zie bijvoorbeeld gebedsgenezingen: er is geen enkel gedocumenteerd geval van een duidelijke aandoening die door gebedsgenezing verdwenen is. Er is geen enkele reden om te denken dat kanker verdwijnt door bidden, er zijn nog nooit geamputeerde ledematen weer aangegroeid en er is nog nooit iemand weer jong geworden na een gebedssessie (zie bijvoorbeeld de Cochrane collaboration over effect van gebed op genezen). Het zou trouwens heel vervelend zijn moest dit wel gebeuren, aangezien er dan een verklaring moet komen waarom een algoede almachtige en alwetende god onze niet genezen medemensen niet helpt (zelfs als ze om hulp vragen). Je kan je dan beroepen op één of ander groter goddelijk plan of een god die straft uit liefde of zoiets maar dan graaf je je put alleen maar dieper. Een almachtige alwetende god had altijd wel een plan kunnen bedenken waarin lijden niet noodzakelijk was. Het straf-van-god argument is ook nog eens flauw omdat die straffen met momenten nogal draconisch zijn en vaak niet beperkt in de tijd wat er over het algemeen genomen toch wel een kenmerk van zou moeten zijn. Het zijn trouwens vaak ook onschuldigen (baby's) die lijden. De consistentie in godsdienstige ideeën is ver zoek. Godsdiensten (en bijhorende goden) worden alleen al op die basis verworpen.
De wetenschap leert ons dat we best wel theorieën voorlopig kunnen aanvaarden. We beginnen dan met eenvoudigere theorieën (op basis van hoe de materiële wereld rondom ons zich gedraagt) en bouwen op. Experimenten en interne consistentie leiden ons dan verder hopelijk de goeie weg op. De materiële wereld is altijd de ultieme scheidsrechter om te beslissen of een idee/hypothese overeind blijft. Falsification rules: een theorie die altijd goed leek en één keer faalt voor de test (bijvoorbeeld terwijl je eigenlijk wat anders probeerde te testen) is fout, tenzij er een goeie solide reden kan gevonden worden binnen die theorie waarom dit experiment faalde (verder testen dan!). Er komt dan een nieuw idee, nieuwe hypothesen en een nieuwe theorie. De oude theorie zal er dan nog wel verdoken inzitten omdat de beide theorieën voor die experimenten waarin die oude theorie wel werkte natuurlijk wel dezelfde resultaten moeten geven. Godsdiensten kunnen vaak verworpen worden op basis van hun uitspraken over de materiële wereld.
Als ik in de krant een artikel lees over een nieuwe theorie is interne consistentie ook steeds de eerste leidraad: klopt dit met wat ik al weet? Indien ja blijf ik op mijn hoede tot er nog een paar andere bronnen deze bron bevestigen en maak ik er verder niet echt een punt van. Indien nee zoek ik verder tot ik meer informatie heb of tot ik weet waar de discrepantie zit. Ik kijk ook naar de details die gegeven worden over wat er precies gemeten werd en of het experiment de betreffende conclusie wel rechtvaardigt. Dat is namelijk, weet ik uit ervaring, héél vaak het probleem.
Verder helpt het om iets te weten over elementaire logica en drogredenen, valkuilen voor zelfbedrog (bijvoorbeeld cherrypicking of het a posteriori toepassen van statistische technieken tot je "iets" vind, correlaties die zomaar plots oorzakelijke verbanden worden,...), psychologie,... Het hele plaatje moet steeds kloppen.
Zo kan ik nog wel even verder gaan hoor, maar het punt is: één keer gefalsifieerd en weg ermee. De materiële wereld is scheidsrechter. Godsdienst valt mijns inziens keer op keer door de mand. Erg vervelend is wel dat godsdienst per godsdienst moet bekeken worden. Als een godsdienst door de mand valt blijkt plots dat die godsdienst toch net ietsjes anders was en dan kan je weer opnieuw beginnen.
Gladde alen die gelovigen. Nog een probleem is het aantal godsdiensten: er zijn geen twee gelovigen die hetzelfde geloven en als het er wel twee zijn dan zeker geen drie. Als je de ene op zijn inconsistenties gewezen hebt en hij huilend (grapje hoor) weggelopen is, staat de volgende daar met weer een ander soort geloof terwijl ze misschien zelfs naar dezelfde kerk gaan.
Verder is het een debat waarin de regels continu veranderen en waarin feiten weerlegd worden door schaamteloos en zonder verpinken eigen uitspraken grofweg aan te passen. Het was toch weer net een ietsje anders, en dan is het weer puren om iets concreets te krijgen dat weer weerlegd wordt waarna het toch weer net ietsje anders was,... Godsdienst is een idee (nog geeneens een hypothese, laat staan dat het de wetenschappelijk gezien hoogst mogelijk status van "theorie" zou gehaald hebben) dat niet strookt met de wereld rondom ons.
En dit antwoord is het verschil tussen godsdienst en wetenschap: je ziet de methode (of toch een deel ervan), open en bloot met al zijn sterktes en zwakheden. Helder en duidelijk. Dat heb je bij godsdiensten nooit: het is altijd weer kronkelen en wroeten om toch maar te proberen een inconsistent wereldbeeld consistent voor te stellen. Dat is de reden waarom theologie zo complex is: de complexiteit verdoezelt alleen maar haar falen.
Wat mij ook stoort is steeds weer het gezanik over de evolutietheorie (iets gelijkaardigs kan met de "oerknal-oorzaak"): alsof een falen van die theorie het bestaan van god zou impliceren. Als ik even, hypothetisch, veronderstel dat de evolutietheorie faalt, zeggen we gewoon dat we niet weten hoe het dan wél gegaan is. Het zegt helemaal niets over god of creationisme.
Ik heb geprobeerd om mijn antwoord een beetje beknopt te houden. Hopelijk niet te beknopt.
Groetjes.
Idem hier: ik heb uiteraard geen algemeen beeld van goden. Wel van Griekse goden, de god van een bepaalde gelovige in die mate waarin hij me er iets over vertelt, Egyptische goden ook wel een beetje... En dat is dan allemaal niet bepaald één pot nat. Daarom is het fijn dat je tenminste een aantal kenmerken van je god opsomt. Is je god algoed, almachtig en/of alwetend ook? Normaal gezien moet er één van de drie wegvallen en dat is onder gelovigen nogal verschillend en niet onbelangrijk.
Ik kan trouwens wel begrijpen dat je vindt dat er een oorzaak moet geweest zijn voor de oerknal, maar niet hoe je ertoe komt om van die oorzaak dan maar meteen een "wezen" te maken. Dat is wel wat kort door de bocht. Op dit ogenblik weten we niet zeker of er een oorzaak voor was of niet: beide mogelijkheden liggen nog open. Atheïst zijnde heb ik niet zo'n probleem met "niet weten". Daar kan ik best mee leven en het zet mij niet aan tot het scheppen van goden.
Verder heb je natuurlijk wel een punt dat iedereen keuzes moet maken over welke informatie feitelijk is en welke niet: welke informatie die mij voorgeschoteld wordt neem ik aan en welke niet. De wetenschap heeft daar een aantal goede richtlijnen voor.
Zo is de materiële wereld bijvoorbeeld zeer consistent. Intern consistent bedoel ik dan. Paradoxen bestaan niet. Mijn 5 zintuigen verschaffen mij op zeer consistente wijze informatie over de wereld rondom mij en stellen mij in staat om een werkbaar beeld op te bouwen in mijn hoofd. Dat beeld is natuurlijk maar een voorstelling maar werkt over het algemeen genomen uitstekend.
De consistentie van de materiële wereld stelt een eis aan alle wetenschappelijke uitspraken en theorieën: ze moeten ook intern consistent zijn. Theorieën die zichzelf tegenspreken gaan eruit. Dat is bij gelovigen wel anders: als hun geloof uitspraken oplevert die in strijd zijn met de materiële wereld houden ze vast aan hun geloof. Zie bijvoorbeeld gebedsgenezingen: er is geen enkel gedocumenteerd geval van een duidelijke aandoening die door gebedsgenezing verdwenen is. Er is geen enkele reden om te denken dat kanker verdwijnt door bidden, er zijn nog nooit geamputeerde ledematen weer aangegroeid en er is nog nooit iemand weer jong geworden na een gebedssessie (zie bijvoorbeeld de Cochrane collaboration over effect van gebed op genezen). Het zou trouwens heel vervelend zijn moest dit wel gebeuren, aangezien er dan een verklaring moet komen waarom een algoede almachtige en alwetende god onze niet genezen medemensen niet helpt (zelfs als ze om hulp vragen). Je kan je dan beroepen op één of ander groter goddelijk plan of een god die straft uit liefde of zoiets maar dan graaf je je put alleen maar dieper. Een almachtige alwetende god had altijd wel een plan kunnen bedenken waarin lijden niet noodzakelijk was. Het straf-van-god argument is ook nog eens flauw omdat die straffen met momenten nogal draconisch zijn en vaak niet beperkt in de tijd wat er over het algemeen genomen toch wel een kenmerk van zou moeten zijn. Het zijn trouwens vaak ook onschuldigen (baby's) die lijden. De consistentie in godsdienstige ideeën is ver zoek. Godsdiensten (en bijhorende goden) worden alleen al op die basis verworpen.
De wetenschap leert ons dat we best wel theorieën voorlopig kunnen aanvaarden. We beginnen dan met eenvoudigere theorieën (op basis van hoe de materiële wereld rondom ons zich gedraagt) en bouwen op. Experimenten en interne consistentie leiden ons dan verder hopelijk de goeie weg op. De materiële wereld is altijd de ultieme scheidsrechter om te beslissen of een idee/hypothese overeind blijft. Falsification rules: een theorie die altijd goed leek en één keer faalt voor de test (bijvoorbeeld terwijl je eigenlijk wat anders probeerde te testen) is fout, tenzij er een goeie solide reden kan gevonden worden binnen die theorie waarom dit experiment faalde (verder testen dan!). Er komt dan een nieuw idee, nieuwe hypothesen en een nieuwe theorie. De oude theorie zal er dan nog wel verdoken inzitten omdat de beide theorieën voor die experimenten waarin die oude theorie wel werkte natuurlijk wel dezelfde resultaten moeten geven. Godsdiensten kunnen vaak verworpen worden op basis van hun uitspraken over de materiële wereld.
Als ik in de krant een artikel lees over een nieuwe theorie is interne consistentie ook steeds de eerste leidraad: klopt dit met wat ik al weet? Indien ja blijf ik op mijn hoede tot er nog een paar andere bronnen deze bron bevestigen en maak ik er verder niet echt een punt van. Indien nee zoek ik verder tot ik meer informatie heb of tot ik weet waar de discrepantie zit. Ik kijk ook naar de details die gegeven worden over wat er precies gemeten werd en of het experiment de betreffende conclusie wel rechtvaardigt. Dat is namelijk, weet ik uit ervaring, héél vaak het probleem.
Verder helpt het om iets te weten over elementaire logica en drogredenen, valkuilen voor zelfbedrog (bijvoorbeeld cherrypicking of het a posteriori toepassen van statistische technieken tot je "iets" vind, correlaties die zomaar plots oorzakelijke verbanden worden,...), psychologie,... Het hele plaatje moet steeds kloppen.
Zo kan ik nog wel even verder gaan hoor, maar het punt is: één keer gefalsifieerd en weg ermee. De materiële wereld is scheidsrechter. Godsdienst valt mijns inziens keer op keer door de mand. Erg vervelend is wel dat godsdienst per godsdienst moet bekeken worden. Als een godsdienst door de mand valt blijkt plots dat die godsdienst toch net ietsjes anders was en dan kan je weer opnieuw beginnen.
Verder is het een debat waarin de regels continu veranderen en waarin feiten weerlegd worden door schaamteloos en zonder verpinken eigen uitspraken grofweg aan te passen. Het was toch weer net een ietsje anders, en dan is het weer puren om iets concreets te krijgen dat weer weerlegd wordt waarna het toch weer net ietsje anders was,... Godsdienst is een idee (nog geeneens een hypothese, laat staan dat het de wetenschappelijk gezien hoogst mogelijk status van "theorie" zou gehaald hebben) dat niet strookt met de wereld rondom ons.
En dit antwoord is het verschil tussen godsdienst en wetenschap: je ziet de methode (of toch een deel ervan), open en bloot met al zijn sterktes en zwakheden. Helder en duidelijk. Dat heb je bij godsdiensten nooit: het is altijd weer kronkelen en wroeten om toch maar te proberen een inconsistent wereldbeeld consistent voor te stellen. Dat is de reden waarom theologie zo complex is: de complexiteit verdoezelt alleen maar haar falen.
Wat mij ook stoort is steeds weer het gezanik over de evolutietheorie (iets gelijkaardigs kan met de "oerknal-oorzaak"): alsof een falen van die theorie het bestaan van god zou impliceren. Als ik even, hypothetisch, veronderstel dat de evolutietheorie faalt, zeggen we gewoon dat we niet weten hoe het dan wél gegaan is. Het zegt helemaal niets over god of creationisme.
Ik heb geprobeerd om mijn antwoord een beetje beknopt te houden. Hopelijk niet te beknopt.
Groetjes.
Anders zou er geen evenwicht zijn met dat grote universum.