Hallo lgrijsen, bedankt voor je verhaal, het scheelt inderdaad wel te weten dat je theologiestudent bent. Dan weet ik in elk geval dat dit je interesseert, en dat je nog zo jong bent dat al deze discussies nieuw voor je zijn.

Mij interesseert het ook en ik ga dan maar toch mijn best doen je vragen te beantwoorden. Sorry voor de meligheid maar er komen zo vaak mensen voorbijfietsen die steeds dezelfde merkwaardige vragen op forums kwakken die je dan beantwoordt, maar ze komen nooit terug om het antwoord te lezen.
Wat je argumenten betreft: geen enkele hiervan die je noemt bevat een feitelijk bewijs voor god. Ze zijn allemaal retorisch. Het zijn dus op z'n minst onbewezen, speculatieve hypotheses, maar zelfs retorisch bevatten ze soms fouten. Het probleem daarmee is dus dat dit nou juist de basis van geloofsopvattingen zijn: constant in je eigen hoofd rondjes blijven draaien om recht te redeneren wat krom is, of om dingen te blijven geloven, ook al vind je geen enkel bewijs. Dit soort godsbewijzen bestaan dan ook al eeuwen, en werken meer als een soort hersenspoeling, om vast te kunnen houden aan ideeën waarvoor geen bewijzen zijn.
Andere van je stellingen zijn allang grondig weerlegd.
Een voorbeeld van een retorisch arument waarvan de stelling al niet deugt:
Ten eerste is alles in deze wereld contigent: heeft een oorzaak buiten zichzelf.
Als je uit deze stelling de conclusie wil trekken dat er dus een god is, zit er al een foute aanname in besloten, namelijk dat er een 'eerste oorzaak' is geweest, waarvoor dan geen 'oorzaak buiten zichzelf' kan worden gevonden. Maar een 'eerste oorzaak' is er nooit geweest. Die gedachte gaat ervanuit uit dat er ooit niets was, en dat er dus een god (of 'iets') aan te pas moest komen om 'iets' te maken.
Zowiezo zit je dan al met de vraag waar die god (of 'iets') dan vandaan kwam. Maar het is helemaal niet vanzelfsprekend dat er ooit een keer 'niets' was geweest. Hier zijn ook helemaal geen aanwijzingen voor.
Er zijn tegenwoordig wel interessante theorieën over wat 'niets' is en hoe dat kon leiden tot het ontstaan van materie en energie. 'Niets' moet je daarbij vooral zien als 'nul', dus een nultoestand van energie, waarbij materie en anti-materie elkaar opheffen. Dat is de vorm van 'niets' die het dichtste komt bij wat er aan 'niets' geweest is. 'Nietser' was er niet, dus in wezen was er altijd 'iets', maar dat was niet vrij om te bewegen in de ruimte. De nultoestand kon ook niet worden gehandhaafd, wat er de oorzaak van is de materie voortdurend bestaat en weer vervalt.
Het is voor mij ook maar allemaal hogere natuurkundefilosofie waar ik weinig van begrijp, hoewel met behulp van deeltjesversnellers steeds meer van deze theorieën wordt ondersteund. Maar het punt waar het omgaat is dat een idee van een 'oorzaak buiten zichzelf' niet kan leiden naar een god omdat :
1) dan vanzelf de vraag wordt gesteld: waar komt die god of 'andere natuur' dan vandaan, en
2) er is nooit 'niets' in een toestand van 'totale rust' geweest. 'Niets' is hooguit een nultoestand die niet stabiel genoeg is om te kunnen bestaan.
Het fijnafstemmingsargument: het universum was voorbereid op mensen gezien de zo nauwkeurige afstelling van waarden als de zwaartekracht etc.
Dit is wel het meest beeldend weerlegd door Neil DeGrasse Tyson, die in een interview zijn theorie uitlegde over 'Vijftig manieren waarop de aarde ons probeert te vermoorden'. Ik ga het voor je opzoeken, het is echt hilarisch. De teneur hiervan is dat het universum niet levensvatbaar is, maar zelfs levensbedreigend. Bijna overal in het universum zal een levend wezen onmiddellijk dood neervallen. Maar op de aarde is het niet veel beter. We worden geveld door overstromingen, hongersnoden, enge beesten, meteorieten, kometen, de bliksem, vulkaanuitbarstingen en ga maar door. Bovendien vreten de beesten elkaar allemaal op, het leven is eigenlijk nog eens de grootste bedreiging van het leven. Niet van hét leven, de evolutie zorgt dat hét leven er wel onsterfelijk tussendoor kachelt, maar één leven moet maar zien hoe het zich stand houdt. Niet voor niets zeggen evolutietheoretici dat uitsterven in evolutie de norm is: de meeste wezens én soorten houden geen stand.
De mens is na veertien miljard jaar universeum viereneenhalf miljard evolutie op aarde nog maar kort geleden geboren. Dat is een enorme 'overkill' als je ervan uitgaat dat het universum speciaal is geschapen om het leven voor mensen mogelijk te maken. En in deze korte tijd laat de mens al zien hoe rampzalig de natuur op zijn aanwezigheid reageert. De bevolkingsgroei is door het hoge geboortecijfer explosief, en zal nog tot gigantische problemen gaan leiden, evenals onze neiging om te overconsumeren en te parasiteren. De aarde zal compleet worden uitgeput, en op een dag zal dit onvermijdelijk tot grote tekorten leiden in een wereld met gigantische overbevolking.
Het bekendste argument tegen dit fijnafstemmingsargument is wel dat de evolutie ervoor zorgt dat het leven zich aanpast aan de omgeving. Aanpassing is het hoofdkenmerk van evolutie; wie het beste is aangepast krijgt meer nakomelingen. Zo worden in de loop van de tijd de aanpassingen steeds beter. Het universum met al zijn gigantische uitgestrektheid en overkill is dus niet aangepast aan de nog jonge mens, maar de mens en al het andere leven is door de mechanismes van de evolutie aangepast aan de omgeving.
Ik kom later nog wel terug voor de rest, maar als je wil kun je dit interview met Victor Stenger. Deze heeft een boek geschreven waarin hij veel van deze stellingen behandelt. In het Nederlands heet dit boek; God, een onhoudbare hypothese.
http://www.atheisme.eu/nl/entry/3/victo ... hypothesis